Artist-Residence | Het Lage Noorden 2026
Deel 2 >>
Van 30 maart tot en met 3 april verbleef ik voor een mini-art
residentie
bij Het Lage Noorden.
Het voormalig boerenbedrijf is in 5 jaar tijd door de nieuwe eigenaren
Sandra Jansen en Stephan Valk getransformeerd naar
een eigenzinnige kunst en onderzoek plek in het Noorden van Friesland.
Gelegen tegen de binnendijk met daarachter de uitgestrekte kwelders van
het Waddengebied.
Bijzonder genoeg bleek ik gedurende dit korte verblijf zeeën van tijd te
hebben,
geholpen door een flex-planning die ik dagelijks
aanpaste.
Van dag tot dag
30 maart
Ontmoetingen met: Stephan Valk, Sandra Jansen _H_L_N_,
Mede residents*Maartje Meerman (NL), *Maarten
de Naeyer (B),
*Connie Snoek (NL) en *Katharina Langer (D),
Samen met de art-residents woonde ik even
in het gastenverblijf met een eigen kamer, een gezamenlijke woon-keuken en
een immens grote werkruimte in de naastgelegen hoge en lange schuur.
Met boodschappen voor de hele week en beurtelingse koken,
was er van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat veel tijd
voor verkenning van omgeving, situatie en werktesten.
31 maart
De tweede dag verkende ik het terrein,
maakte
een wandeling in de buurt van drie uur.
Over de kwelderdijk richting het wad,
via het enige toegestane pad in het broedseizoen,
hoorde ik de geluiden van de gure wind,
de duizenden foeragerende en broedende trekvogels.
De geluiden van kippen, schapen,
het vermoeden van muizen, want veel gaten in het gras,
het verkennen van het met kunst-complete-boerderij-complex,
hadden tezamen iets magisch aantrekkelijks.
Dit werd nog eens versterkt door voortdurend veranderende wolkenluchten
met geraffineerde lichteffecten en panoramische vergezichten.
Kijken, kijken,
overal iets te zien, te ruiken, te voelen,
de kwelderklei/slik grond onder mijn voeten,
half gedroogd met regelmatig gebarsten structuren en patronen.
Dijken bedekt met gras, daarachter,
de lagergelegen nu in dit seizoen nog bijna kale kweldervlaktes
waar nu na de winter van alles begint uit te lopen,
Met daar dan weer tussen in het slik, vogelpootsporen en kadaver-resten,
die al zijnde al fossiel, dramatisch aan de oppervlakte liggen.

Experimenteren
In de middag stalde ik klei-, bot- en eierschaal vondst uit
op een werktafel in de grote project schuur, maakte een notitie.
Een eerste ontmoeting blijft het best in het geheugen bewaard.
Bij een 2e bezoek aan dezelfde plek interfereert het geheugen
met de eerste herinnering.
En daardoor verandert of vervaagt die eerste indruk.
Zouden notities daarbij helpen of in de weg staan?
Vastleggen lijkt onmogelijk, maar je kan er in de buurt komen
met beschrijvingen,
Tekeningen maken en rituelen/handelingen uitvoeren.
Ik verdunde de vette klei en slik met water
en testte op een kalligrafische manier het pigment.
Wachten, laten drogen, omringt en vastgehouden door kaplaarzen
Tijdens het wachten bekeek ik een meegenomen werk
in de grote ruimte met goed
bovenlicht.
Waarvandaan?
Aan deze meegenomen tekening ben ik begonnen
tijdens een vorige residency bij Arteventura
in 2025 in Spanje.
*Zie hiervoor de link (hieronder) naar ‘werkperiode, expo BROTA EL PUEBLO’
Ik nam dit leporello gevouwen werk (als *aide-mémoires) mee vanuit Den
Haag
naar dit Noord-Friese gebied,
wat net als het gebied van Arteventura een
beschermde natuur status heeft.
Een andere natuur, andere bodem, een ander klimaat,
een andere leefwijze, een andere cultuur.
Mijn intentie was, om nieuwe tekeningen in te voegen.
Ik ontdekte verder dat ik anders met het lange flexibele vouwwerk wilde
bewegen.
Met een andere intentie dan ik eerder in Andalusië voelde.
Nu meer in de vorm van het golvende stromen van slik, water, vogeltrek,
onstuimige wind.
Het rupsachtige geheel liet zich ook makkelijk golvend meevoeren
vooral nadat ik het aan een draad (afhangend van de nok) hing.
Hoe anders was Andalusië?
Hier werd ik meer meegenomen door de combinatie cultuur-natuur, het
aardse ervan,
de nauwe verbondenheid van de bewoners van het dorp Corteconcepcíon
met hun grond,
de tradities die zich in kleding, flamenco ritme, dans, muziek,
de nog steeds gekoesterde stierengevechten en katholieke theatrale
processies uiten
en me meesleurden tot diep binnen in mijn lichaam.
Hieruit volgde een vermoeden dat er nog meer ‘binnenleven’
te ontdekken valt
en het herinnerend vermogen nog heel wat verrassingen verborgen houdt.
De naar Andalusië meegenomen tien meter rol papier gebruikte ik voor een
tekening
die begon met een voornemen: een meter per dag voor notities en schetsen.
En naarmate de tijd verstreek en het uitrollen en inrollen me niet
tevredenstelden,
begon ik het papier om de 10 cm om te vouwen.
Denkend aan harmonica- en waaiervormen.
Daarna volgde mijn verbazing over de flexibiliteit,
performative- en sculpturale
mogelijkheden van het grote leporello.
Hier vloeiden meer vorm-testen uit voort.
Ondertussen regelmatig nieuwe aantekeningen invoegend,
ging ik nadenken over hoe nu verder. Het werk was een soort van tussen-af.
*zie de Arteventura pagina op de site voor
deze werk periode.
Door deze notitie tekening, deze *Aide-Mémoires, met me mee te laten
reizen,
er tussendoor op verder te werken, denk ik een uitwisseling te kunnen
veroorzaken
(een bewustwording?) tussen buitenwereld en
binnenwereld.
Avond-donker:
Aan het einde van de tweede dag
werd er een diner verzorgd (Sandra en Stephan)
voor allen+1 (Wies Noest).
Kennismakingsverhalen volgden.
Bij het laatste licht aan de horizon
nog even de dijk opgelopen bij volle maan, sterren en vuurtorenlicht.

Gedachten
in de dagen
daarna:
De eerste
dag indrukken overdenkend kwamen associaties
met het woord ‘lichaam’ in
mijn gedachten.
Hoe open
staan lichamen? Wat wordt toegelaten
en wat stroomt naar buiten? Grenzen?
En weer
de vraag ‘hoe registreert, verwerkt
mijn lichaam het nieuwe onbekende.
En wat
veroorzaken de verschillende lichamen bij elkaar?
(ook een land of een creatieve organisatie kan als lichaam
beschouwd worden).
Verandert
dan de ziel of enkel de eigenschappen om aanpassing mogelijk te maken?
Ik wil
daar woorden voor vinden, verbeelding op loslaten.
Is er
onderscheid tussen beeld en woord tijdens inwendige lichaamsregistratie?
Zo niet,
hoe verbeeld je gelijktijdigheid? In het waddengebied ervaar ik iets nieuws en
iets herkenbaars tegelijkertijd.
Je op
reis meegenomen lichaam indachtig,
hoe verbinden nieuwe ervaringen zich
met eerdere?
Als ik de
meegebrachte kunstwerken als bezielde lichamen
met eigenschappen beschouw
hoe gaat mijn lichaam daar dan een
verbinding mee aan?
Wat
stroomt binnen, wat naar buiten, wat blijft, wat verdwijnt?
Verlangen
en gemis zitten beiden comfortabel
en ongemakkelijk in mijn lichaam.
Verbeelding
verkent alvast het volgende onbekende.
1 april
Observer's dilemma. Attempt to be present yet absent
Dit werd
de dag van de dieren.
Ik zat
een tijdje bij de schapen, de kat en de kippen.
Ik
benaderde allen voorzichtig en observerend.
Bij de
schapen probeerde ik me me afwezig op te stellen.
Een van
de video’s die ik op deze dag maakte
zond ik in voor het online * Festival
of the Smallest 2026
2 april
De
kunstenaars *Leontine Lieffering en *Bart Benschop
kwamen deze 3e dag op bezoek.
Samen
verkenden op een wandeling het land,
de biotopen, bouwwerken en
faciliteiten van Het Lage Noorden,
wat later reden we naar het
waddengebied
met uitzicht op Ameland (de pier van
Holwerd),
met spectaculair licht op water en
wolkenlucht.
3 april
Residents wordt gevraagd om een archiefdoos
achter te laten
met ‘whatever,
no pressure’ bevindingen van het verblijf.
Het
duurde even voordat ik wist wat ik wilde achterlaten.
Toen had
ik het formulier al bijna weggegooid, in het kader van ‘NO PRESSURE’,
Ik dacht
terug aan mijn intentie voor deze korte residence.
Dit is
tenslotte een eerste verkenning.
Ik moest
denken aan andere verkenningen
en de daaraan gekoppelde
observaties.

Wat de
mieren betreft… ik zag ze nergens
En toch
verschenen ze hier ineens in tekeningen
De mieren
leven kennelijk in mijn hoofd.
Tijdens een
van mijn residence periodes bij *Arteventura
Observeerde
ik de daar levende (een centimeter) grote mieren.
Dit observeren
had gevolgen.
Ik vroeg
me bijvoorbeeld af hoe mieren samenwerken
en hoe ze elkaar herkennen.
Daarna
kwamen er nog meer vragen.
Ze
verschenen vanaf dat moment in tekeningen,
op kleding, in schilderstukken.
Ik maakte
sindsdien ook uitwissel-mieren op kleine restjes papier
en geef dat weg als blijk van
dankbaarheid en plezier in ontmoetingen.
Vlak voor
vertrek eind maart, naar Het Lage Noorden
verbleef ik in een boshuis
op de Veluwe,
daar vielen me dit jaar de vele mieren
op.
Mieren
die niet in colonne maar ogenschijlijk solitair
kris-kras overal over het aanrecht
rondzwierven.
Ik zocht
informatie over dit gedrag.
De
verkenners onder de mieren gaan op voedsel en bouwmateriaal uit
en brengen dat met de kennis
‘waarvandaan’ terug naar hun nest.
De
anderen kunnen desgewenst nu massaal
rechtsstreeks op het voedsel af.
De mini-residence zette me op het spoor
van die specifieke verkenners
positie.
De AHA
link zette zich toen in mijn hoofd vast.
De te
vullen archiefdoos noemde ik Aide-Memoires.
Ik maakte
hiervoor een vouwblad met getekende verkenner mieren.
Een
stapeltje Aide-Mémoires, 13+1 briefjes volgeschreven
met ervaringen plakte ik aan de
binnenkant van het deksel,
onder de tekening kwam het verpropkreukeld A4 formulier
met daarop een gevonden donsveertje
geplakt
met daaronder de opmerking ‘Zachte
Landing’.
*Links
A.I.R. Arteventura + exhibition BROTA EL PUEBLO
https://thesmallest.222lodge.nl/ellen-rodenberg-observers-dilemma-2026/
*The location + fellow
residents +
https://www.conniesnoekillustrator.nl
https://www.katharinalanger.de
https://www.maartjemeerman.nl/
+